header

« Terug naar het overzicht van Brandpunt juni 2005

Dit schooljaar juni 2005

Pedagogiek

Leerlingen van allochtone afkomst anders benaderen op school.
Hoe reageer je als je bij een toezicht op de speelplaats plots omringd wordt door een groepje allochtone jongens die nauwlettend toekijken hoe je één van hen terechtwijst? Hoe geraak je op dezelfde golflengte met een leerling die hardnekkig ontkent dat hij een overtreding begaan heeft, terwijl jij en de hele klas er getuige van waren? Wat doe je als allochtone leerlingen in je klas hun thuistaal spreken? Het zijn voorbeelden van situaties die veel leraren zorgwekkend vinden.

Gedragsproblemen op zich zijn al lastig genoeg. Als je dan ook nog het gevoel hebt dat er een diepe communicatiekloof gaapt tussen jou en de leerling, is de frustratie dubbel zo groot. Toch kan een beter inzicht in de culturele mechanismen die het gedrag van leerlingen van allochtone afkomst beïnvloeden, de relaties met die leerlingen al een heel stuk verbeteren.
Een aantal gedragingen die de school vanzelfsprekend vindt, zijn voor leerlingen die thuis aan andere gedragsregels moeten beantwoorden, helemaal niet evident. Interculturele misverstanden over wat correct gedrag is, kunnen de relatie leerkracht/leerling(en) behoorlijk verzuren.

Opgroeien tussen twee culturen

Van jongs af krijgen allochtone jongeren met twee culturen te maken. Vanuit elke cultuur krijgen ze vanzelfsprekendheden mee over wat hoort en wat niet hoort.
Thuis worden de jongeren veeleer groepsgericht opgevoed. Men is ervan overtuigd dat een individu alleen kan overleven in de vijandige wereld rondom hem door een sterke familiale solidariteit en door een hiërarchische organisatie waarin iedereen zijn plaats kent. Allochtone jongeren wordt geleerd om voorrang te geven aan de belangen en de mening van de groep en van wie ouder is of hoger staat. Een probleem wordt ervaren als iets dat je overkomt en waaraan je zelf niet veel kunt doen. Voor problemen met de opvoeding van hun kinderen zoeken zij bijgevolg op de eerste plaats externe oorzaken zoals slechte invloed van anderen, gebrek aan controle vanwege leerkrachten, begeleiders en politie.
Anderzijds komen deze jongeren op school, via media en vrijetijdsbesteding, voortdurend met de persoonsgerichte westerse culturele denkpatronen in contact: de nadruk op het eigen ik, het ontwikkelen van je eigen persoonlijkheid, mening en capaciteiten, een eerder directe communicatiestijl en een toekomstperspectief waarbij zelfredzaamheid en individuele verantwoordelijkheid hoog aangeschreven staan. Als het fout loopt, kun je het niet op anderen afschuiven. Je moet dus zelf de gevolgen dragen van de keuzes die je maakt.

Gedragingen herkaderen

Leraren kunnen zich bedreigd voelen wanneer ze bij een toezicht op de speelplaats plots omringd worden door een groepje allochtone jongens. Die leerlingen proberen in de eerste plaats als groep zicht te krijgen op de onderhandelingsmarges. Als leraar is het dan best om niet in te gaan op discussies over de zin of onzin van regels en afspraken. Dat wordt op zo’n moment dan meestal toch alleen geïnterpreteerd als een opening die toelaat te ‘marchanderen’ over een grens, een straf of een regel.
Wanneer een leerling op heterdaad betrapt wordt, maar toch zijn fout blijft ontkennen, is het beter niet te blijven discussiëren, maar gewoon een straf te geven zonder veel commentaar. Allochtone jongeren zijn als de dood voor gezichtsverlies in het bijzijn van groepsgenoten en in zo’n situatie vaak niet voor rede vatbaar. Als ze de straf behoorlijk uitvoeren, kan men dit zien als een vorm van schuldbesef en de goede wil om zich te herpakken. Het is dus belangrijk de jongeren te laten merken dat ze weer met een schone lei mogen starten zodat er geen misverstanden ontstaan. Leerkrachten kunnen hen ook duidelijk maken dat een fout toegeven niet noodzakelijk leidt tot minder waardering maar juist erg geapprecieerd wordt en daarom leidt tot een herstel van het vertrouwen en strafvermindering.

Schoolreglement

Het kost pubers en adolescenten veel energie om uit te proberen wat het effect is van verschillende gedragingen in diverse situaties. Ze moeten dan voor zichzelf uitmaken welk gedrag voor hen het meest lonend is. De regels die volwassenen stellen, bepalen mee de grenzen van die keuze. Jongeren zijn pas in staat om hun eigen positie te bepalen als die grenzen duidelijk zijn. Als de regels en normen thuis heel anders zijn dan op school – dit geldt in versterkte mate voor allochtone leerlingen – is er behoefte aan niet één, maar aan twee duidelijke structuren.
Het is dus zaak om in een school duidelijkheid te scheppen, één klare lijn van grenzen en spelregels voor iedereen in alle omstandigheden. De rol van de directeur, de leerkracht en de leerling moet duidelijk omschreven zijn, de hiërarchie moet zichtbaar afgetekend worden.
Dit betekent geen terugkeer naar het oude systeem waarin de directeur altijd gelijk had louter op basis van zijn positie. Het komt erop aan om op school een duidelijk schoolkader te ontwikkelen waarbinnen leraars en andere personeelsleden zich gemakkelijker aan hun eigen rol kunnen houden en zich daardoor juist minder autoritair moeten opstellen.
Dat veronderstelt een doordacht en door de overgrote meerderheid (personeel, leerlingen en ouders) ‘gedragen’ schoolreglement. Want pas als regels ‘gedragen’ worden, kunnen ze tot de cultuur van de school gaan behoren, dat wil zeggen op een redelijk ‘vanzelfsprekende’ manier gehanteerd en dus afgedwongen en/of gerespecteerd worden.
Dat veronderstelt ook dat alle personeelsleden van een school bij het toepassen van het schoolreglement zich zowel hiërarchisch (door de directie) als solidair (de leraren onderling) geruggensteund voelen. Anders geraakt de autoriteit van een leerkracht snel ondergraven of wordt het ene personeelslid tegen het andere uitgespeeld. Heel wat conflicten kunnen vermeden worden als leraren kunnen rekenen op een waterdicht schoolreglement. Op die manier kunnen zij meer energie steken in hun eigenlijke opdracht, het lesgeven.

Omgaan met tijd

Sommige persoonsgerichte sociale vaardigheden die wij belangrijk vinden, zijn voor groepscultureel opgevoede jongeren niet zo evident, bijvoorbeeld stiptheid en zelfdiscipline.
Allochtone leerlingen hebben het enorm moeilijk hun eigen afspraken en agenda na te komen, omdat zij zich voortdurend moeten aanpassen aan de regel dat ‘familie altijd voorgaat’ en dat je altijd moet gehoorzamen aan wie ouder of hogergeplaatst is.
Dit houdt echter niet in dat leerkrachten zich op dat vlak aan hun leerlingen moeten aanpassen en rekening moeten houden met hun perceptie van tijd.
In onze persoonsgerichte cultuur is het belangrijk dat je je consequent houdt aan uurregelingen en gemaakte afspraken. Om te kunnen functioneren in onze bikkelharde maatschappij is het bijgevolg noodzakelijk dat je je aan afspraken houdt. Voor allochtone jongeren betekent dit dat zij best onze notie van tijd overnemen willen zij een kans op slagen hebben.
Ellenlange discussies met leerlingen die te laat komen, halen meestal minder uit dan gewoon wijzen op de straf die een gevolg is van het telaatkomen. Ook motiverende regelingen in het sanctiesysteem, zoals “als je het een maand volhoudt om niet te laat te komen, dan begin je opnieuw met een schone lei”, hebben vaak een goed effect. Zo voorkom je een escalatie van straffen.

Monique Wauters



 
Onze website maakt gebruik van cookies.