header

« Terug naar het overzicht van Brandpunt mei 2015

Dit schooljaar mei 2015

Eerste stap naar hervorming secundair onderwijs gezet

Op 23 april 2015 deelde minister Crevits via de media de resultaten mee van de screening van het studieaanbod in het secundair onderwijs. Die screening biedt veel relevante informatie met het oog op de modernisering van het secundair onderwijs. De resultaten tonen volgens de minister aan dat het huidige studieaanbod écht nood heeft aan modernisering. Het aanbod voldoet niet altijd aan de noden van de tijd en het is ook niet altijd even doeltreffend. Voor elke richting moet heel scherp gesteld worden wat het doel is.

AKOV
Het Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming (AKOV) screende in opdracht van minister Crevits de studierichtingen in het secundair onderwijs. Het is een intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid. AKOV heeft als missie het kwaliteitszorgsysteem voor de onderwijs-, beroepsopleidings- en vormingstrajecten en voor de EVC-trajecten die leiden naar bewijzen van erkende kwalificaties te bevorderen.

Methodiek
AKOV screende 29 van de 30 studiegebieden in het voltijds secundair onderwijs. Het maakte een uitgebreide analyse van het studieaanbod tussen het schooljaar 2008-2009 en het schooljaar 2012-2013. Voor elk studiegebied verzamelde AKOV de meest essentiële informatie over de leerlingenaantallen, de evolutie en spreiding, de herkomst van de inschrijvingen, de attesteringen, de doorstroom naar het hoger onderwijs en de doorstroom naar de arbeidsmarkt. De analyse geeft ook per studierichting aan of de finaliteit doorstroomgericht, arbeidsmarktgericht of beide is. Tot slot formuleert AKOV voor elk studiegebied aanbevelingen.

Criteria voor het bepalen en het behalen van de finaliteit
Voor het bepalen van de finaliteit stelt AKOV een participatiegraad van 25% als norm voor doorstroom naar de academische bachelor (ABA), de professionele bachelor (PBA) en de arbeidsmarkt. Het schema hieronder verduidelijkt de verschillende mogelijke combinaties.

Finaliteit

Participatiegraad ABA

Participatiegraad PBA

Participatiegraad arbeidsmarkt

ABA

>25%

<25%

<25%

PBA

<25%

>25%

<25%

ABA + PBA

>25%

>25%

<25%

Arbeidsmarkt

<25%

<25%

>25%

Dubbele finaliteit

>25%

<25%

>25%

Dubbele finaliteit

<25%

>25%

>25%

Dubbele finaliteit

>25%

>25%

>25%

Voor het behalen van de PBA- of ABA-gerichte finaliteit worden twee criteria gehanteerd. Ten eerste moeten de leerlingen een gemiddeld studierendement van meer dan 65% behalen. AKOV hield vervolgens ook rekening met het percentage leerlingen dat na vijf jaar geen bachelordiploma behaalde. Wat dat laatste element betreft, stelde AKOV als norm dat maximum 25% van de leerlingen na vijf jaar geen bachelordiploma behaalde.Om de arbeidmarktgerichte finaliteit waar te maken mag maximum 10% van de schoolverlaters na één jaar nog werkzoekend zijn. De criteria voor het waarmaken van de finaliteit worden in onderstaande tabel samengevat.

Waarmaken finaliteit

Studierendement

Bachelor niet behaald

Werkzoekende schoolverlaters

PBA en/of ABA

>65%: OK

60-65: waarschuwing

>25%: OK
25-35%: waarschuwing

/

Arbeidsmarkt

/

/

<10%: OK

10-15%: waarschuwing

Dubbele finaliteit

>65%

60-65: waarschuwing

<25%: OK
25-35%:

waarschuwing

<10%: OK

10-15%: waarschuwing

 

Criteria voor de aanbevelingen 

Voor de aanbevelingen ging AKOV onder meer na of de studierichting haar finaliteit waarmaakt. De analyse baseert zich ook op het gemiddeld studierendement in een studierichting (voor PBA- of ABA-gerichte finaliteit), het percentage werkzoekende schoolverlaters na één jaar (voor arbeidsmarktgerichte finaliteit) of een combinatie van beide (voor dubbele finaliteit).

 

Algemeen secundair onderwijs (ASO)
Het ASO bereidt jongeren voor op het hoger onderwijs en geldt als één studiegebied. In de gescreende periode zaten er gemiddeld 113 000 leerlingen in het ASO. Leerlingen die na het ASO een professionele bacheloropleiding volgen, behalen goede resultaten. Het studierendement van de studierichtingen in het ASO ligt meestal tussen de 80% en 90%. Gemiddeld 82% van de leerlingen slaagt in hogere studies. Klassieke talen en wiskunde scoren zeer goed.
Leerlingen die na het ASO een academische bacheloropleiding volgen, behalen een studierendement van 68%. Klassieke talen, wiskunde en wetenschappen scoren het best. Andere studierichtingen zoals moderne talen, economie en humane wetenschappen halen een studierendement van 60% of lager.
Hoewel de finaliteit van het ASO de doorstroming naar het hoger onderwijs beoogt, stroomt 7,6% van die leerlingen niet door.
AKOV stelt voor om de studierichtingen Economie-moderne talen, Economie-wetenschappen, Humane wetenschappen en Rudolf Steinerpedagogie te herdefiniëren en te herpositioneren omwille van het hoog percentage C-attesten en het zwak studierendement in academische bacheloropleidingen. Het stelt ook voor om (nieuwe) doorstroomgerichte studierichtingen te voorzien met een hoog abstractievermogen maar met minder interesse in klassieke talen of wiskunde. Voldoende uitdaging is noodzakelijk.

Technisch, beroeps- en kunstonderwijs (TSO-BSO-KSO)
Het TSO, BSO en KSO bereiden jongeren voor op de arbeidsmarkt, op hoger onderwijs of voor bepaalde studierichtingen op beide. Jaarlijks volgen gemiddeld 172 000 leerlingen TSO, BSO en KSO. In de studiegebieden Personenzorg, Handel en Mechanica-elektriciteit zitten de meeste leerlingen.
Slechts een beperkt aantal van de studierichtingen uit het TSO en het KSO behalen de vooropgestelde dubbele finaliteit. Voorbeelden hiervan zijn Creatie en mode, Houttechnieken en Jeugd- en gehandicaptenzorg. In deze studierichtingen zijn de doorstroomkansen naar het hoger onderwijs en/of de arbeidsmarkt echter niet optimaal. Meestal is het studierendement niet voldoende en haalt een groot aantal afgestudeerden geen diploma binnen de vijf jaar of is het aantal werkzoekenden na één jaar hoger dan gemiddeld.
In wat volgt, lees je een samenvatting van de negen grootste studiegebieden uit het TSO, KSO of BSO.

Beeldende kunsten
AKOV stelt voor dat studiegebied in samenhang met studiegebieden Fotografie, Grafische communicatie en media, Decoratieve technieken en Mode en met het opleidingsaanbod in hoger onderwijs te rationaliseren.Er dringt zich een herpositionering op van de studierichting Artistieke opleiding omwille van slecht studierendement in het hoger onderwijs en de slechte doorstroom naar de arbeidsmarkt. Ze stelt ook voor die studierichting af te schaffen indien er daarvoor geen beroepskwalificatie komt.Men bekijkt best de studierichting Audiovisuele vorming in samenhang met Podiumtechnieken uit het studiegebied Mechanica-elektriciteit.Tot slot stelt AKOV een vraag over de opportuniteit van voorbereidend jaar op het hoger onderwijs Bijzondere beeldende vorming in de opleidingenstructuur van het voltijds secundair onderwijs omwille van dalende leerlingenaantallen en ook het bestaan van deeltijds kunstonderwijs.

Handel
AKOV stelt voor om het studiegebied Handel te rationaliseren. Het ondergaat een sterk dalend leerlingenaantal. De studierichtingen in dat studiegebied ondergaan best ook een inhoudelijke herdefiniëring omdat de slaagkansen laag zijn in het hoger onderwijs of omdat de doorstroom naar de arbeidsmarkt slecht is (met uitzondering van Boekhouden-informatica en de Se-n-Se Verkoop en distributie).

Hout
De studierichting Houttechnieken ondergaat best een inhoudelijke analyse omdat de slaagkansen in de professionele bacheloropleidingen beperkt zijn (met uitzondering van inhoudelijk verwante PBA). De studierichting positioneert zich misschien beter arbeidsmarktgericht met (gerichte) toegang tot inhoudelijk verwante professionele bacheloropleidingen. AKOV stelt voor de specialisatiejaren in dat studiegebied te rationaliseren en te herbekijken op basis van de beroepskwalificaties.

Lichaamsverzorging
De studierichting Schoonheidsverzorging herpositioneert zich het best als een arbeidsmarktgerichte studierichting omdat ze de dubbele finaliteit niet waarmaakt. De arbeidsmarktgerichte studierichtingen van dat studiegebied worden best gerationaliseerd en geclusterd op basis van de beroepskwalificaties.

Land- en tuinbouw
De arbeidsmarkgerichte studierichtingen (in het bijzonder de basisopleidingen Dierenzorg en Landbouw, de specialisatiejaren Manegehouder-rijmeester en Land- en tuinbouwmechanisatie) moeten gerationaliseerd worden wegens de slechtere doorstroom naar de arbeidsmarkt dan gemiddeld in het BSO. AKOV stelt ook voor Land- en tuinbouwmechanisatie te herbekijken in samenhang met de studiegebieden Auto en Mechanica-elektriciteit. De studierichting Biotechnische wetenschappen herpositioneert zich het best als een doorstroomstudierichting die primair gericht is op professionele bachelors, in samenhang met de drie andere TSO-studierichtingen van het studiegebied Land- en tuinbouw en met de studierichtingen Chemie en Techniek-wetenschappen uit het studiegebied Chemie.

Mechanica-elektriciteit
Het aanbod in dat studiegebied is te klein in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Heel wat studierichtingen en specialisatiejaren moeten herbekeken en gerationaliseerd worden op basis van de beroepskwalificaties omwille van technologische evoluties. Voorbeelden hiervan zijn:- Elektriciteit-elektronica en Elektromechanica in samenhang herbekijken, hoewel ze verschillen in slaagkansen naar het hoger onderwijs toe- Elektronische installatietechnieken in samenhang met Elektrische installatietechnieken bekijken- Industriële wetenschappen in samenhang bekijken met Wetenschappen-wiskunde (ASO) in functie van doorstroompotentieel naar academische bachelors en met Techniek-wetenschappen (studiegebied Chemie) en Biotechnische wetenschappen (studiegebied Landbouw) in functie van doorstroompotentieel naar professionele bachelors- specialisatiejaren Fotolassen en Pijpfitten-lassen-monteren in samenhang bekijkenIn Se-n-Se zijn er zeven opleidingen met minder dan 20 leerlingen. Daar dringt zich een rationalisatie op in samenhang met het studiegebied Auto. Tot slot raadt AKOV aan om de studierichtingen Mechanica constructie- en planningstechnieken in samenhang te bekijken met de studiegebieden Hout, Bouw en Beeldende kunsten.

Personenzorg
De studierichting Verzorging en het specialisatiejaar Thuis- en bejaardenzorg moeten op basis van beroepskwalificaties herbekeken worden. Het specialisatiejaar Kinderzorg verschuift het best naar een arbeidsmarktgerichte finaliteit. De studierichting Organisatiehulp en het specialisatiejaar Organisatie-assistentie kennen slechts een beperkt succes op de arbeidsmarkt. Dat vraagt een volledige herwerking op basis van mogelijke beroepskwalificaties. De Se-n-Se Tandartsassistentie, Leefgroepenwerking, Internaatswerking en Animatie in de ouderenzorg ondergaan best een inhoudelijke wijziging. In de derde graad TSO tonen de studierichtingen Gezondheids- en welzijnswetenschappen en Sociale en technische vorming een grotendeels gelijklopend doorstroomprofiel. Bovendien hebben die studierichtingen een raakvlak met Humane wetenschappen (ASO) wat een inhoudelijke analyse in functie van clustering vraagt.

Sport
Er dringt zich een rationalisatie op in de studierichtingen Topsport-sportinitiatie (BSO), Topsport-sportbegeleider (specialisatiejaar), Topsport (ASO) en Sportclub- en fitnessbegeleider (Se-n-Se) op basis van de beroepskwalificaties. Dat geldt ook voor de studierichtingen Moderne talen-topsport (ASO), Wetenschappen-topsport (ASO) en Lichamelijke opvoeding en sport (TSO) met het oog op een studierichting die primair gericht is op professionele bachelors.De studierichting Sportwetenschappen (ASO) kreeg recent nieuwe, specifieke eindtermen. AKOV stelt voor het studierendement in het hoger onderwijs van die opleiding te monitoren zodat ze haar primaire gerichtheid op academische bacheloropleidingen in de nabije toekomst kan waarmaken.

Voeding
De arbeidsmarktgerichte studierichtingen van het hele studiegebied ondergaan best een rationalisatie en clustering op basis van de beroepskwalificaties en in samenhang met de studiegebieden Toerisme en Handel. De dubbele finaliteitsrichtingen Hotelonthaal (specialisatiejaar), Hospitality (TSO) en Hotel (TSO) herpositioneren zich het best als arbeidsmarktgerichte studierichtingen met een (gerichte) toegang tot inhoudelijk verwante professionele bacheloropleidingen.

Algemene conclusies
Minister van Onderwijs Hilde Crevits formuleert drie conclusies op basis van de screenings en aanbevelingen.- Er is ruimte en er zijn opportuniteiten voor een verbetering van het aanbod op basis van de inhoud en de resultaten op de arbeidsmarkt en het hoger onderwijs.- De minister ziet duidelijk mogelijkheden tot rationalisatie. Er kunnen studierichtingen geschrapt worden omdat ze niet meer relevant zijn op de arbeidsmarkt. Andere studierichtingen krijgen beter een andere finaliteit of worden beter samengevoegd.- In de derde graad ondersteunen de feiten niet de drieledige structuur. Een duidelijke finaliteit per studierichting maakt een adequate studiekeuze en studiekeuzebegeleiding mogelijk en verhoogt de slaagkansen van jongeren in het hoger onderwijs en op de arbeidsmarkt.

Vervolg
Het is sinds 1991 geleden dat een screening op dergelijke schaal gebeurde. Een eerste stap is nu gezet. De minister wil het ‘watervaldenken’ in Vlaanderen bij ouders en studiekiezers doorbreken. Aanpassingen zijn volgens haar nodig om onze jongeren alle toekomstkansen te geven. De resultaten van de screening vormen een belangrijke basis voor de verdere stappen die ze moet zetten en voor het maatschappelijk debat dat ze zeker nog willen voeren over het toekomstig secundair onderwijs.

Wellicht zal minister Crevits kort na de zomer een architectuurconceptnota secundair onderwijs aan de Vlaamse Regering en vervolgens aan de Vlaamse Onderwijsraad (VLOR) voorleggen. Daarna volgen dan debatten over de programmatieregels, de financieringsregels, de personeelsaanpak…
COC zal participeren aan dat debat vanuit de visie die het sectorcomité secundair onderwijs, het sectorcomité buitengewoon onderwijs en de werkgroep basisonderwijs ontwikkelden in hun standpuntennota die het Nationaal Comité goedkeurde op 24 januari 2014 naar aanleiding van het akkoord dat de vorige Vlaamse Regering bereikte op 4 juni 2013 over het masterplan ‘Hervorming van het secundair onderwijs’.

Koen Van Kerkhoven

 



 
Onze website maakt gebruik van cookies.