header

« Terug naar het overzicht van Brandpunt juni 2009

Dit schooljaar juni 2009

Deeltijds kunstonderwijs

Gelijkschakeling tweede- en sommige eerstegraadsdiploma's met mastergraad: voor wanneer?!

In 1991 werd het hoger kunstonderwijs van de eerste en tweede graad bij het hoger onderwijs van korte type ondergebracht. Sinds de komst van de BaMa-structuur ijvert COC voor een meer correcte inschaling van deze opleidingen. Deze situatie moet dringend rechtgezet worden.

Wat is het probleem?

Het decreet van 23 okt. 1991 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap regelde de rangschikking van het hoger kunstonderwijs in de HOKT-HOLT-structuur met volledig leerplan. Bij die rangschikking werd het hoger kunstonderwijs van de eerste en de tweede graad bij het hoger onderwijs van het korte type ondergebracht.
In de lijn van het sinds 1991 gevoerde beleid werden de diploma's van afdelingen van het hoger kunstonderwijs van de eerste en tweede graad bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 dec. 2004 tot gelijkschakeling van graden uitgereikt vóór het academiejaar 2004-2005 met de graden van bachelor of master, gelijkgeschakeld met de graad van bachelor.

De vraag rijst of de rangschikking uit 1991 van de eerste- en tweedegraadsopleidingen als "hoger onderwijs van het korte type" een correcte inschatting was. "Inschattingen op basis van studiebelasting en studieduur die de personeelsgeleding heeft uitgevoerd, lijken dit in eerste instantie te betwisten", aldus de tekst van de Vlor-overeenkomst  van 12 juni 2008.

Voor de houders van deze tweedegraads- en eerstegraadsdiploma's, die de desbetreffende opleidingen destijds hebben doorgemaakt en waargemaakt, is het antwoord op die vraag overduidelijk: de gelijkschakeling met de graad van bachelor is in vergelijking met de reële studiebelasting en studieduur van die opleidingen een foute inschaling geweest. En die moet worden rechtgezet. Die rechtzetting betekent ook een rechtvaardige verloning. Leerkrachten met een meester- of masterdiploma verdienen meer dan hun collega's met een tweedegraadsdiploma.

De lange weg naar de Vlor-overeenkomst

COC wil de juiste inschaling van de oude diploma's in de BaMa-structuur. We hebben het bredere onderwijsveld (aanwezig in de Vlor) na veel moeite kunnen overtuigen dat de vroegere tweedegraadsdiploma's en sommige eerstegraadsdiploma's in het hogeschooldecreet van 1991 foutief werden ingeschaald. Een terugblik.

Op 12 december 2006 vraagt minister Vandenbroucke aan de Vlor om "een werkgroep op te starten die een piste EVK  zal uitwerken met het oog op gelijkschakeling van de tweedegraadsdiploma's en van sommige eerstegraadsdiploma's binnen het hoger kunstonderwijs met een mastergraad, naar analogie met het project EVK waarmee de Vlor de doorstroming van het hoger onderwijs voor sociale promotie (HOSP) naar de hogescholen wil bevorderen, zoals vermeld onder punt 3.4.6 van CAO VIII." In een brief van het departement Onderwijs en Vorming dd. 24 jan. 2007 wordt de vraag aan de werkgroep geëxpliciteerd, waarna de werkzaamheden van start gaan.

Alle instellingen (verdeeld over de verschillende kunstvormen) die vandaag hoger kunstonderwijs aanbieden, vergaderden in die werkgroep samen met de associaties, de personeelsgeleding, DKO en KSO. De uiteindelijke overeenkomst werd op 12 juni 2008 in het Vast bureau van de Vlor bekrachtigd en aan de minister bezorgd. De voorstellen in de eindovereenkomst zijn:
- gelijkschakeling met master via een eenduidig, verkort EVK-traject; het traject is m.a.w. telkens hetzelfde, ongeacht tot welke instelling hoger onderwijs de houders van de oude diploma's zich wenden (daar is een decreetswijziging voor nodig);
- concordantie van de oude diploma's met de vroegere meester op basis van een portfolio.
In Brandpunt van juli 2008 gingen wij uitgebreid op de beide voorstellen in.

Tijd voor boter bij de vis

COC heeft dit schooljaar niet nagelaten om deze diplomakwestie brandend te houden. Begin december 2008 informeerde COC bij de overheid naar de stand van zaken in dit dossier. Het antwoord van de overheid luidde toen dat de Vlor op 23 juni het resultaat van de werkgroep EVK-HKO naar aanleiding van CAO VIII aan de minister had bezorgd en dat de minister daar schriftelijk op zou antwoorden. Men wist ons toen ook te zeggen dat het antwoord van de minister voor zover bekend nog niet was verstuurd. Begin april werd naar aanleiding van de COC-vraag van december nogmaals bij de overheid naar de stand van zaken geïnformeerd, dit keer door OVSG. Ook nu liet de overheid weten dat de situatie sinds begin december niet veranderd was en dat de afdeling Hoger Onderwijs van het departement naar verluidt aan een ontwerpantwoord voor de minister werkte.

Deze diplomakwestie, die door COC in CAO VIII nadrukkelijk werd aangekaart, is voor minister Vandenbroucke blijkbaar geen prioriteit. COC zal de gelijkschakeling ook in het kader van CAO IX niet loslaten. Na de vele jaren wachttijd voor de rechtzetting van een foute inschaling die al van in … 1991 dateert, wordt het stilaan méér dan tijd voor boter bij de vis!

Dirk De Zutter

 



 
Onze website maakt gebruik van cookies.