header

« Terug naar het overzicht

maandag 5 juli 2004

Experiment deeltijds beroepssecundair onderwijs

Op 1 juli 2004 werd de omzendbrief van 30.06.1999 inzake de organisatie van het deeltijds beroepssecundair onderwijs aangepast. Met deze wijzen wij vooral op punt 6.2 van deze omzendbrief. Dit punt stelt immers dat er met ingang van 1 september 2004 een experiment kan opgestart worden waarin de gebruikelijke lesspreiding kan worden gedifferentieerd naar periode, klasgroep of zelfs individuele leerling, mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. De derde voorwaarde houdt in dat aan dit experiment maar kan worden deelgenomen als er een akkoord is van het in personeelsaangelegenheden bevoegd onderhandelingscomité. Dat betekent dat aan de vertegenwoordigers van het personeel een zekere verantwoordelijkheid wordt gegeven.

Deze verantwoordelijkheid moet ten volle worden opgenomen en dit in samenspraak met de personeelsleden die het op het veld moeten waarmaken. Zien deze personeelsleden dat experiment niet zitten, dan kan hierover geen akkoord worden gegeven. Bij deze onderhandelingen vragen de vertegenwoordigers van het personeel best een gedetailleerd personeelseffectenrapport zodat het voor iedereen duidelijk is wat de concrete gevolgen zijn van deelname aan dit experiment. Bij gebrek aan zulk rapport raden wij aan om een protocol van niet-akkoord af te sluiten. Is er wel zo een rapport, dan moet nagegaan worden of de personeelsleden van het DBSO de deelname aan dit experiment zien zitten en dit mede vanuit het oogpunt van de impact ervan op hun arbeidsomstandigheden.

BELANGRIJK: NIETTEGENSTAANDE IN DE OORSPRONKELIJKE OMZENDBRIEF VERMELD WERD DAT DIT EXPERIMENT VAN START ZOU GAAN OP 1 SEPTEMBER 2004, WORDT NU VERMELD DAT DIT EXPERIMENT GEEN DOORGANG ZAL VINDEN BIJ GEBREK AAN RECHTSGROND. VAN DEZE BELANGRIJKE WIJZIGING WERDEN DE SCHOLEN VIA EDULEX NIET OP DE HOOGTE GEBRACHT.


 
Onze website maakt gebruik van cookies.