header

« Terug naar het overzicht

donderdag 24 juni 2004

Arbeidsmarktrapport onderwijs: degelijk, maar met twijfelachtige aanbevelingen

Het departement Onderwijs verspreidde vandaag een nieuw arbeidsmarktrapport. Het is een degelijk rapport geworden, maar de aanbevelingen (niet alle aanbevelingen zijn trouwens aanbevelingen, maar enkel vermoedens) zijn geschreven door theoretici, door mensen die niet voldoende beseffen dat een theoretisch concept in de praktische toepassing wel iets helemaal anders kan zijn.

Gedifferentieerd loonbeleid neen, betere omkadering ja

Regionaal zijn er sterke verschillen inzake tekorten op de arbeidsmarkt. Om beter op deze verschillen te kunnen inspelen, stelt men voor om werk te maken van een gedifferentieerd beleid. Men bedoelt hiermee het geven van weddensupplementen aan leerkrachten om ze aan te moedigen om te werken in moeilijke gebieden (Brussel, Antwerpen…).
Voor COC is het geven van weddensupplementen geen oplossing omdat ze geen afdoend antwoord zijn op de moeilijker arbeidsomstandigheden waarin deze personeelsleden werken. Wat wel een oplossing is, is het voorzien van een betere omkadering voor de scholen waar de personeelsleden in moeilijker omstandigheden moeten werken. Zulke betere omkadering heeft trouwens een dubbel effect: de leraars kunnen lesgeven in kleinere groepen en de leerlingen kunnen les krijgen in deze kleinere groepen, wat ook een betere opvolging mogelijk maakt.

Lerarentekort in het technisch- en beroepsonderwijs

Het rapport wijst op de groeiende trend van het aantal vervangleerkrachten dat in de derde graad niet beschikt over een vereist bekwaamheidsbewijs voor het geven van technische en praktische vakken. Dit is een belangrijke vaststelling, maar het volstaat niet om te stellen dat er dus blijvend acties moeten ondernomen worden om meer specialisten uit andere sectoren aan te trekken .
Deze specialisten zullen niet aangetrokken worden als ze niet steeds volgens hun diploma bezoldigd worden, wat nu het geval is als ze praktische vakken onderwijzen. Ook de ervaring die ze vanuit de privé-sector meebrengen, moet gehonoreerd worden. Het is ook een belangrijke vaststelling omdat het gevolg hiervan is dat de kwaliteit van de opleiding niet meer gegarandeerd is. Een goede opleiding vereist immers een vakspecialist, geen leerkracht die alleen dienst moet doen als kinderopvang.

Het begeleiden van beginnende leraren

COC is reeds lang vragende partij om extra middelen te voorzien voor deze begeleiding. De overheid is tot op heden nog niet op deze vraag willen ingaan. Maar, met de huidige middelen kan deze begeleiding niet voorzien worden. Dit wel doen, zal de taakbelasting weer doen toenemen.

Het optrekken van de leeftijd waarop de personeelsleden vervroegd kunnen uitstromen

Het optrekken van deze leeftijd was een maatregel die in het kader van het opstellen van de begroting werd genomen, het was in de eerste plaats dus een besparingsmaatregel. Dit wordt nu zelfs in VLD-kringen toegegeven. Dat deze maatregel een groot effect gehad heeft, valt te betwijfelen, gelet op de overgangsmaatregelen die genomen werden. Politiek is het echter handig, maar zeer doorzichtig, de waarheid nog steeds te verdoezelen.

Ondersteunende functies: steeds werkdrukverlagend?

Het zou inderdaad zo moeten zijn dat ondersteunende functies de werkdruk voor leerkrachten verminderen. Dit is echter geen evidentie, ook niet in het onderwijs. Het is duidelijk dat dit in bepaalde gevallen wel degelijk zo is (kinderverzorgsters in het kleuteronderwijs, beleidsondersteuning voor de directies…), maar in andere gevallen is dat niet altijd zo en drijven de personeelsleden die deze functies uitoefenen de werkdruk van de leerkrachten juist op en dit om aan te tonen dat de functie die zij uitoefenen wel degelijk nodig en nuttig is. Ondersteunde functies: ja, als ze de werkdruk effectief verlagen. Neen, als dat niet het geval is. Ondersteunende functies worden in het secundair onderwijs ook dikwijls opgericht met uren die in feite als lesuren dienen gebruikt te worden. Daarom alleen al heeft het creëren van ondersteunende functies reeds een werkdrukverhogend effect.

Scholengemeenschappen: ideaal overlegplatform?

Er is theorie en er is de praktijk. Tot op vandaag is nog niet gebleken dat scholengemeenschappen het ideaal overlegplatform zijn om personeelsmateries te behandelen, integendeel. Van echt overleg of echte onderhandelingen op scholengemeenschappenniveau is nog maar weinig te merken. Het omgekeerde is eerder waar. Personeelsleden die in verschillende scholen lesgeven, zijn dikwijls de speelbal van de individuele directies die weinig oog hebben voor de werkomstandigheden van deze personeelsleden.

Jos Van Der Hoeven


 
Onze website maakt gebruik van cookies.