header

« Terug naar het overzicht van Brandpunt maart 2008

Dit schooljaar maart 2008

Hoger onderwijs

 

Financieringsdecreet uiteindelijk gestemd, COC blijft ontstemd

Op woensdag 5 maart jl. werd het ontwerp van decreet betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen gestemd in het Vlaams Parlement. We kunnen dan ook niet anders dan vaststellen dat het nieuwe fi-nancieringssysteem een feit is en dat, met uitzondering van een consequent kritische be-nadering door Groen!, het parlement geen enkele tegenstand geboden heeft.

De stemming in het Vlaams Parlement betekende het eindpunt van een zeer lang proces met drie nota's van de onderwijsminister, een hoorzitting van de onderwijscommissie (een mèt en een zonder de vakbonden), vele lange intense discussies, werkgroepen, diverse adviezen van de Vlaamse Onderwijsraad, keihard gelobby achter de schermen, politiek geharrewar, diverse acties - zowel algemene als specifieke voor het hoger kunstonderwijs - en formele onderhan-delingen. Telkens heeft COC naar best vermogen haar stem laten horen en haar standpunt hardnekkig verdedigd.
Zoals al vaker gemeld blijft COC het moeilijk hebben met dit decreet. Het grootste probleem is dat dit stukje regelgeving geen einde maakt aan de chronische onderfinanciering van het hoger onderwijs. De sector hoger onderwijs van COC roept het gehele Vlaams Parlement nogmaals met aandrang op om collectief een belangrijke inspanning te doen voor het hoger onderwijs. Het hoger onderwijs is maatschappelijk onontbeerlijk voor alle sectoren waarvoor Vlaanderen de verantwoordelijkheid draagt: economie, welzijn, mobiliteit, landbouw, onder-wijs, onderzoek en ontwikkeling. Alle sectoren van de economie en de socio-profit schreeu-wen om hooggekwalificeerde medewerkers. Zonder afdoende financiering blijft dit een schreeuw in het duister.
Uiteraard dienen we geen illusies te koesteren. We verwachten nog weinig verbetering in deze legislatuur. We kijken dan ook al vooruit naar de volgende legislatuur. Bij de regeringsvor-ming zullen de onderhandelaars, van welk politieke kleur  dan ook, moeten voorzien in een forse bijkomende investering in het hoger onderwijs.
Om de vlam brandende te houden ontstaken we op 3 maart in de hogescholen symbolisch een kaars. Meteen raakte eindelijk ook de identiteit van de Mona Lisa bekend. Het is niemand minder dan de Vlaamse minister van Onderwijs zèlf die mysterieus glimlacht bij de goedkeu-ring van zijn ontwerp op 5 maart.

Rationaliseringstrein in beweging

Ook op 5 maart hadden de onderwijsbonden een gesprek met de onderwijsminister over zijn intenties rond rationalisatie. Het rapport van de ministeriële commissie Soete lokte onmiddel-lijk scherpe reacties uit. De lange lijst bedreigde opleidingen stemt tot ongerustheid. De voor-gestelde mogelijkheden tot afwijking maken het geheel behoorlijk onduidelijk. COC drong aan op overleg en kreeg gehoor.
Ondanks het feit dat het rapport Soete nog maar een aanbeveling is en de minister nog wenst te overleggen met de onderwijspartners over diverse aspecten, zijn toch al effecten waar te nemen. In zijn antwoord op een parlementaire vraag in de onderwijscommissie over het uit-blijven van een masteropleiding ergotherapie, verwees Vandenbroucke naar het recente rap-port van de commissie Soete die een tijdelijke programmatiestop voor nieuwe opleidingen aanbeveelt. Los van de grond van de zaak of zo'n programmatiestop wenselijk is, was het toch vreemd dat de minister meteen bereid was uitvoering te geven aan een aanbeveling uit een rapport zonder de rest van de politieke wereld daarin te kennen. Volgens bepaalde politici zou onderwijsminister Frank Vandenbroucke de programmatiestop voor nieuwe opleidingen in het hoger onderwijs beter via parlementaire weg laten beslissen en eventueel per decreet veranke-ren. Het blijkt ondertussen dat zowel de VLIR als de VLHORA uit eigen beweging beslisten tot een programmatiestop op vrijwillige basis die de instellingen zelf zouden handhaven.
De commissie Soete zal van de minister een nieuwe opdracht krijgen. Op zijn minst dient nog een hoofdstuk geschreven te worden over de toekomst van de masters. In het eerste rapport kon de ministeriële commissie niet tot uitspraken komen, naar eigen zeggen omdat onvol-doende gegevens beschikbaar waren. Daarnaast denkt de minister eraan om ook nog andere aspecten te laten onderzoeken. Op aandringen van COC zal de onderwijsminister de samen-stelling van de commissie opnieuw bekijken. De kans dat ook het personeel of de studenten rechtstreeks betrokken worden, blijft echter bijzonder klein.
Naast de samenstelling wil COC ook de agenda van de commissie mee aansturen. De onder-wijsminister stemde erin toe dat de vakbonden voorstellen kunnen aanbrengen. COC zal een lijstje opstellen en dit aan het kabinet overmaken. Bovenaan dat document zal uiteraard de koppeling staan tussen rationalisatie en de reductie van de werkdruk. Bovendien wenst COC te weten hoe de minister zijn engagementen in CAO II-HO kan waarmaken. Een woord is een woord, hoe moeilijk ook.


Rudy Van Renterghem



 
Onze website maakt gebruik van cookies.