header

« Terug naar het overzicht van Brandpunt januari 2008

Dit schooljaar januari 2008

Sociale verkiezingen

Wat na de voorprocedure?

Op dit moment is in de betrokken instellingen van het vrij gesubsidieerd onderwijs en in de vrije CLB's de voorprocedure van de sociale verkiezingen aan de gang. Die eindigt op dag X, de dag van aanplakking. Die dag valt, naargelang van de verkiezingsdatum, tussen 5 en 18 februari 2008.

Mededelingen op dag X

Op dag X start ook de eigenlijke procedure met de aanplakking van een gedagtekend bericht door de inrichtende macht of het hogeschoolbestuur. Dat bericht vermeldt:
- de datum en uurregeling van de verkiezingen;
- de verkiezingskalender;
- het adres en de benaming van de technische bedrijfseenheid of (bedrijfseenheden) waarvoor een OR, resp. een CPB moet worden opgericht;
- het aantal mandaten per orgaan (CPB of OR) en per categorie (arbeiders / bedienden / jongeren);
- de voorlopige kiezerslijsten of plaats van consultatie;
- de lijst van het leidinggevend personeel (namen + functies) of plaats van consultatie;
- indien er een ondernemingsraad (OR) is: de lijst van de kaderleden of plaats van consultatie;
- de persoon of de dienst die wordt aangesteld om de oproepingsbrieven te versturen of te verdelen.

Al deze informatie moet ook bezorgd worden aan de nationale secretariaten van de overkoepelende vakbonden (ACV - ABVV -ACLVB). Dat kan:
- per mail via socelec@werk.belgie: in dat geval mailt de betrokken overheidsdienst (FOD WASO) de gegevens (via de modelformulieren) achteraf door naar de vakbonden;
- per post, rechtstreeks naar de nationale vakbondssecretariaten (en naar NCK als er een OR is); de FOD WASO moet dan geen kopie toegestuurd krijgen.

Opstellen kiezerslijsten

Om kiezer te zijn moet een personeelslid op de verkiezingsdag (=dag Y):
- minstens 3 maanden in de onderneming tewerkgesteld zijn;
- tewerkgesteld zijn door middel van een arbeids- of leerovereenkomst (of gelijkgesteld) en niet behoren tot het leidinggevend personeel.

Hieruit volgt dat ook personeelsleden met een vervangingscontract kiesgerechtigd zijn op voorwaarde dat ze tegelijk voldoen aan de anciënniteitsvoorwaarde in het eerste lid. Ook de preventieadviseur van de interne dienst moet op de kiezerslijst worden geplaatst. Gedetacheerde personeelsleden en personeelsleden met een TAO of TBS/OB daarentegen blijven kiezer bij hun juridische, 'uitlenende' werkgever.

Kiezerslijsten

Er worden afzonderlijke kiezerslijsten opgesteld voor:
- arbeiders;
- bedienden;
- jeugdige werknemers (indien op de verkiezingsdag minstens 25 werknemers jonger zijn dan 25 jaar);
- kaderleden (alleen voor de OR en indien minstens 15 kaderleden).

Wie na het afsluiten van de definitieve kiezerslijst (=dag X+28 - tussen 4 en 17 maart 2008) niet op deze lijst voorkomt, kan niet deelnemen aan de verkiezingen. Bijgevolg is het opportuun om alle personeelsleden verbonden door een vervangingscontract van lange(re) duur op de voorlopige kiezerslijsten te vermelden. Vooral omdat op X+79 (tussen 24 april en 7 mei 2008) de OR, resp. het CPB de werknemers die op dat ogenblik geen deel meer uitmaken van het personeel, vooralsnog van de kiezerslijsten kan schrappen.

Aantal mandaten

Om het aantal mandaten te bepalen, gaat men als volgt te werk. Op dag X telt men het aantal werknemers in de onderneming. Inclusief de leden van het leidinggevend personeel die verbonden zijn door een arbeidsovereenkomst en de werknemers met een vervangingscontract. Gedetacheerde personeelsleden en de personeelsleden TAO en TBS/OB tellen alweer mee bij hun juridische, 'uitlenende' werkgever.
Die telling gebeurt hoofdelijk en ongeacht het volume van de opdracht. Dus deeltijdse werknemers tellen ook mee voor de volle eenheid.
Tot en met 100 personeelsleden zijn er 4 mandaten te begeven. Vanaf 101 tot en met 500 zijn er dat 6; vanaf 501 tot en met 1000 personeelsleden 8 en vanaf 1001 tot en met 2000 personeelsleden 10..

Zijn er minimum 15 kaderleden en moet er bijgevolg een apart kiescollege voor kaderleden worden samengesteld, dan wordt het aantal mandaten in de OR verhoogd met 1 of 2, naargelang het aantal kaderleden minder dan 100, of 100 of meer bedraagt.
Zijn er over alle categorieën heen minimum 25 jongeren werkzaam in de onderneming, dan is er ook 1 jongerenmandaat. Dat mandaat wordt bij de verdeling van de mandaten over de verschillende personeelscategorieën (bedienden, arbeiders, eventueel kaderleden) eerst in mindering gebracht van het totaal aantal te verdelen mandaten. De overblijvende mandaten worden dan verdeeld over arbeiders en bedienden (en eventueel kaderleden).

De personeelsafvaardiging bestaat uit effectieve en plaatsvervangende leden. Er kunnen derhalve op de kandidatenlijsten tweemaal zoveel kandidaten worden geplaatst als er effectief te begeven mandaten zijn. Uiteraard kunnen er ook onvolledige lijsten worden ingediend.

Verdeling mandaten per categorie

De verdeling van de mandaten over de verschillende categorieën gebeurt op basis van hun getalsterkte op dag X. Het leidinggevend personeel met arbeidsovereenkomst wordt ofwel meegeteld bij de categorie bedienden, ofwel bij de categorie kaderleden (indien er voor hen een aparte vertegenwoordiging moet worden verkozen). Voor het gesubsidieerd vrij onderwijs en de vrije CLB betekent dit dat in (nagenoeg) alle gevallen het bestuurs- en onderwijzend personeel, het ondersteunend, administratief en technisch personeel, het paramedisch personeel… worden meegeteld bij de categorie bedienden.

Het aantal mandaten dat aan arbeiders en bedienden wordt toegekend, wordt als volgt berekend:

Aantal arbeidersmandaten = aantal arbeiders x aantal te begeven mandaten
                                                        totaal aantal werknemers

Aantal bediendemandaten = aantal bedienden x aantal te begeven mandaten
                                                       totaal aantal werknemers

Wanneer de som van de aldus verkregen quotiënten (zonder rekening te houden met de decimalen) een eenheid minder bedraagt dan het totaal aantal te begeven mandaten, wordt het overblijvende mandaat toegekend aan de categorie die nog niet vertegenwoordigd is. Dit komt er in feite op neer dat, zelfs in instellingen waar slechts 1 arbeider tewerkgesteld is, er altijd 1 mandaat moet gaan naar het arbeiderspersoneel.

In de andere gevallen wordt het overblijvende mandaat toegekend aan de categorie met het hoogste decimaal of indien beide quotiënten hetzelfde decimaal hebben, aan de categorie die het grootste aantal werknemers telt.

Voorbeeld ter verduidelijking

Vraag: Bepaal het aantal mandaten in een instelling met 119 bedienden (inclusief 10 jongeren), 1 leidinggevende en 5 arbeiders (inclusief 1 jongere)
Oplossing:
- totaal aantal werknemers: 119 + 1 + 5 = 125
- geen 25 jongeren, dus geen jongerenmandaat
- totaal aantal mandaten: 6
- aantal mandaten bedienden: (119 + 1) x 6 = 5,7
                                                    125
- aantal mandaten arbeiders: 5 x 6 = 0,2
                                             125
- verdeling mandaten: bedienden: 5 - arbeiders: 1.

Indienen kandidatenlijsten

De vakbonden moeten uiterlijk 35 dagen na de aanplakking van de verkiezingsdatum (=X+35 , tussen 11 en 24 maart 2008) hun kandidatenlijsten bij de betrokken inrichtende macht of hogeschoolschoolbestuur indienen. Dit gebeurt het best met een  aangetekende brief of tegen ontvangstbewijs.

Afzonderlijke lijsten moeten worden ingediend voor elk kiescollege:
- de arbeiders;
- de bedienden;
- de jeugdige werknemers (indien ten minste 25 werknemers jonger dan 25);
- de kaderleden (enkel voor OR indien ten minste 15 kaderleden).
De lijsten met arbeiders- en bediendenkandidaten en kandidaten voor de jeugdige werknemers kunnen alleen worden ingediend door de 3 representatieve werknemersorganisaties (=ACV, ABVV, ACLVB).

Voor COC is het de lokale vakbondsafvaardiging die in onderling overleg met de huidige personeelsdelegatie in de OR, resp. het CPB de kandidatenlijst samenstelt en tijdig doorstuurt naar de provinciale vrijgestelde. Die verifieert de lijst, waarna conform de afspraken (nationaal en/of binnen het betrokken ACV-verbond) de lijst bij de inrichtende macht of het hogeschoolbestuur voor uiterlijk X+35 wordt ingediend.

Verkiesbaarheidsvoorwaarden

Niet iedereen kan als kandidaat worden voorgedragen. Om kandidaat te zijn moet men op de verkiezingsdatum aan bepaalde voorwaarden voldoen. De Wet OR en de Wet Welzijn leggen de expliciete verkiesbaarheidsvoorwaarden vast. Daarnaast kunnen uit de kieswetgeving ook een aantal impliciete verkiesbaarheidsvoorwaarden worden afgeleid.

Expliciete verkiesbaarheidsvoorwaarden

- werknemer zijn of daarmee gelijkgesteld;
- minstens 18 jaar oud zijn maar niet ouder dan 65 (voor het jongerenkiescollege: ouder zijn dan 16 en jonger dan 25);
- geen deel uitmaken van het leidinggevend personeel;
- geen preventieadviseur zijn van de interne dienst;
- voldoende anciënniteit hebben: ofwel minstens 6 maanden ononderbroken tewerkgesteld zijn op de verkiezingsdag; ofwel minstens 9 maanden tewerkgesteld zijn in 2007 tijdens meerdere periodes.

Impliciete verkiesbaarheidsvoorwaarden

- behoren tot de categorie waarvoor men kandidaat is;
- behoren tot de technische bedrijfseenheid waarvoor men kandideert;
- lid zijn van de vakbond die de kandidatuur voordraagt.

Andere verkiesbaarheidsvoorwaarden zijn er niet. Dus in principe kunnen ook tijdelijke personeelsleden zich kandidaat stellen. Toch wordt de mogelijkheid om ook tijdelijken op een lijst te plaatsen het best ter plaatse bekeken. Zo is de ene tijdelijke (van beperkte duur) de andere (van doorlopende duur) niet. In elk geval impliceert een mogelijke kandidaatstelling niet dat hun arbeidsovereenkomst automatisch wordt verlengd zodra die afloopt.

Wel bieden deze sociale verkiezingen andermaal de gelegenheid om te streven naar een meer evenredige en billijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen binnen de inspraakorganen van de gesubsidieerde vrije onderwijsinstellingen en centra voor leerlingenbegeleiding. Goed afgewogen kandidatenlijsten kunnen hier inderdaad heel wat toe bijdragen.

Michel Van Uytfanghe



 
Onze website maakt gebruik van cookies.